Hoe gaat het in de stadsdeelcommissie?

En toen was 2018 ineens alweer bijna voorbij!

Tegelijk met de gemeenteraadsverkiezingen waren afgelopen voorjaar ook de verkiezingen voor de stadsdeelcommissies van de 7 stadsdelen van Amsterdam. En wat was het een fantastische uitslag! GroenLinks de grootste partij in Amsterdam! En er was ook een mooie uitslag voor de stadsdeelcommissies. Mij viel de eer ten deel om voor Centrum Oost een plek voor GroenLinks te mogen bezetten. Beduusd voelde ik me, en vereerd, en ik voelde, en voel, de verantwoordelijkheid om voor alle mensen die op mij, en op GroenLinks, hebben gestemd, enorm mijn best te doen. En voor álle bewoners van Centrum.

De eerste periode heb ik ervaren als een achtbaan. Nog helemaal in de euforie van de uitslag, vond eerst de installatieceremonie plaats. Tegelijk met de hele gemeenteraad, aangesproken door burgemeester Jozias van Aartsen, de gelofte afleggen. Heel bijzonder.

Nog geen week later de eerste officiële vergadering van de stadsdeelcommissie Amsterdam Centrum. Die ik gelijk ook mocht voorzitten, zijnde de één-na-oudste van de commissie (het oudste lid was op dat moment op vakantie). Daar was ik ook verbaasd over, ik voel me nog niet zo oud. We hebben een jonge commissie zullen we maar zeggen.

In het begin draaide het veel om inwerken en met elkaar een werkwijze vinden. Niet alleen zijn we een nagenoeg geheel nieuwe ploeg maar ook is het stelsel anders. Zo heeft de stadsdeelcommissie nauwelijks beslisbevoegdheden en mag ze alleen nog gevraagd en ongevraagd adviseren. Dat is een enorme inperking van macht. Aan de andere kant geeft het ook meer vrijheid om de onderwerpen te kiezen die je aan wil kaarten aangezien je je minder druk hoeft te maken om formele antwoorden op te stellen op allerlei verplichte aanvragen tot standpunt bepaling. Dat is de optimistische versie J en het zoeken van kansen waar ze minder voor het oprapen liggen.

Een andere vernieuwing is dat het Dagelijks Bestuur, dat is het uitvoerend orgaan van het stadsdeel, niet meer voortkomt uit de gekozen vertegenwoordiging maar wordt benoemd door het College van Burgemeester en Wethouders. Hierdoor keert er een dualistisch stelsel terug in de stadsdelen. In de huidige situatie brengt dat het risico met zich mee dat het bestuur van het stadsdeel zich nog minder gelegen laat aan wat de stadsdeelcommissie vindt en alleen verantwoording aflegt aan het College van B&W.

Gelukkig is de praktijk tot nog toe anders gebleken. We hebben mee dat twee van de drie Dagelijks Bestuursleden GroenLinksers zijn en dat GroenLinks in het College serieuze invulling wil geven aan lokale democratie en bewonersparticipatie. Maar daarnaast ervaren we ook dat we als stadsdeelcommissie serieus worden genomen door het Dagelijks Bestuur van ons stadsdeel.

En dat het uitmaakt wat je doet. Als je iets signaleert en dat door kan geven. Als je de zorgen van bewoners in formele woorden kan gieten. Als je kan helpen de gemeente toegankelijker te maken door contacten te faciliteren. Als je een ongevraagd advies schrijft, zoals het advies dat we vóór de zomer opstelden met de oproep tot extra handhaving op de Wallen. Formeel gezien had het niet veel zin voor ons om daarom te vragen. Maar het was een extra duwtje en steunde het DB om richting het College om meer handhaving te vragen.

Zo helpen alle beetjes. En zijn alle beetjes duwtjes in een bepaalde richting. En ga ik vol overtuiging verder met duwtjes geven in een groene en linkse richting!