Besturen ten tijde van Covid-19

Besturen ten tijde van Covid-19 is, net als al het andere om ons heen, anders. Als overheid wil je het goede voorbeeld geven, dus ook wij als dagelijks bestuur werken zo veel mogelijk vanuit huis. Gelukkig is dat mogelijk, en kan een groot deel van ons werk digitaal en met video bellen, worden uitgevoerd. Ook de inhoud van ons werk verandert. De afgelopen weken hebben we hard gewerkt aan de 1,5 meter economie en een visie op herstel post-Corona.

De economie van Centrum is, nog meer dan die in de rest van de stad, afhankelijk van toerisme. De helft van alle Amsterdamse horeca is gevestigd in Centrum, zowel qua hotels als wat betreft het aantal cafés en restaurants. Ook onze winkelstraten zijn voor een groot deel afhankelijk van bezoekers van buiten de stad. In de horeca en handel werken veel Amsterdammers, maar veel lag de afgelopen weken stil. Toeristen bleven grotendeels weg. Met uitzondering van afhaal was de horeca gesloten, hotels kregen massaal annuleringen, rederijen mochten niet varen en winkelstraten in Centrum waren ongekend leeg.

De oude binnenstad was, en is, stiller dan andere delen van Centrum als de Haarlemmerbuurt, de Jordaan of de Czaar Peterstraat, waar mensen hun boodschappen nog om de hoek doen. Zaken die geen Amsterdammers weten te trekken zullen moeite hebben om de crisis te overleven; de grote stroom toeristen blijft naar verwachting voorlopig uit.

De vraag is dan: hoe breng je als bestuur de economie weer op gang op een manier die niet alleen ondernemers helpt voortbestaan en banen helpt behouden, maar die ook de veiligheid van bewoners borgt? Hoe behoed je de stad voor de ergste gevolgen van de crisis, terwijl je ook kansen pakt om positieve ontwikkelingen te stimuleren? Hoe zorg je, in het historische centrum met haar smalle stegen en straten, dat mensen zich veilig kunnen bewegen? Hoe geleid je alle ontwikkelingen en inkomende verzoeken in goede banen, zodat de binnenstad weer een plek wordt waar Amsterdammers graag komen en verblijven?

Alles hangt samen. Een 1,5 meter-economie - vooral in het dichtbevolkte Centrum met veel winkels en horeca-zaken met kleine vloeroppervlaktes - betekent dat economische kansen samenhangen met het gebruik van, en mogelijkheden in, de openbare ruimte. Dat geldt eveneens voor het welzijn en de veiligheid van bewoners, veel waarvan er in Centrum in kleine appartementjes wonen, niet zelden zonder buitenruimte.  En voor de veiligheid van bezoekers, die net als bewoners door straten moeten kunnen bewegen.

Sinds ruim een week is er om die reden dan ook een menukaart, waarin we beschrijven hoe we ruimte voor elkaar kunnen maken in de stad. Dat is dan bijvoorbeeld door stoepen te vergroten, objecten die in de weg staan te verwijderen, door eenrichtingsverkeer voor voetgangers in het leven te roepen en door met belijning aan te geven hoeveel ruimte anderhalve meter nou eigenlijk is – zoals recent is gebeurd in de Kalverstraat.

Als Dagelijks Bestuur geven wij voorwaarden mee waaraan initiatieven moeten voldoen. We vragen ondernemers om als collectief, in overleg met bewoners plannen in te dienen, die we de komende tijd zullen beoordelen. Op die manier kunnen we samen toewerken naar een veilig, aantrekkelijk en levendig Centrum.